a

29 september 2004

de wolken belegerd, een beetje geantidateerd berichtje, maar dit valt niet te verzwijgen, er vloog een helicopter over diverse plekken in de buurt, bleef op een gegeven moment erg lang boven de tuin hangen, soit, daarna politie te auto en te motor, het ging om een rode auto (ik rij in een rood astraatje), één van de agenten aan de motor te voelen, ja. ik had net gereden, moest een beetje uitleggen waarheen en terug, daarna papieren checken etc., die helicopter ondertussen helemaal m'n bewegingen te volgen, toen ik weer terugkwam met m'n papieren vlogen ze allemaal weer weg zonder boe of bah, behalve de motoragent die m'n gegevens op nam en zei dat ik toch wel kon begrijpen dat ze alles moeten nachecken, ja dat kan ik begrijpen, dat zo'n heli geen wingtip bij wijze van afscheid doet snap ik ook want die heeft geen wings, maar die rechercheurs hadden minstens een blijk van sorry o.i.d. mogen doen, kost geen halve seconde, maar ze stappen nors in hun auto alsof ze kwaad op jou zijn dat jij niet de gezochte persoon bent.

de aanleiding is minder lachwekkend, de oude Manneveld van de Stolperweg was voor de derde(!) keer beroofd, je kon daar ook nooit wisselen etc., omdat de man al bang was om geld in huis te hebben, de looser die z'n fortuin dacht te halen heeft de oude man nog in elkaar geschopt om z'n laatste tientjes uit 'm los te peuteren, ik kan me nog gevleid voelen want het zou om een persoon van ±25 jaar gaan, maar daar houdt 't dan wel weer mee op...

evengoed heeft zo'n gebeuren dan best wel impact, zoals ze dat tegenwoordig zo graag mogen zeggen, die agent nog vragen of ik zenuwachtig was, raadt je de koekoek, de pas geveegde blaadjes (dat lieg ik weer) maar in ieder geval het gevallen blad dwarrelt omhoog van zo'n wentelwiek, 't ding hing m.i. 15 à 20 meter boven de tuin (vlak boven de toppen van de bomen), al die tijd dat ze daar mee bezig geweest zijn (ze hingen er al een tijdje, toen kwamen de grondtroepen, dan praatje etc. ), dat heeft minstens 20 minuten geduurd dat heeft de ware rode auto alleen maar de kans gegeven weg te komen....

Ik stuitte nog op een interessant verhaal over Groote Keeten, ik kon niet nalaten dat ook op de site te zetten, op de volgende pagina meer poëzie etc, deze doe ik in eerste instantie maar meteen hierbij:

Lang geleden, toen het nog niet gewoon was je vakantie in Vietnam, op Groenland of in het Caribische door te brengen, toen zelfs Egypte nog een ongebruikelijke vakantiebestemming was en alleen sommigen wel eens in Italië waren geweest, toen reisden wij iedere zomer naar Groote Keeten: een paar huizen, een paar boerderijen en een smid, tussen Callantsoog en Den Helder. Mijn vader op de brommer, mijn moeder, mijn zusje en mijn broer op een fiets, en ik achterop bij mijn vader. Die brommer, daarin zat de hele vooruitgang die we van de toekomst verwachtten. Het was een HMW, wat stond voor Het Motorisch Wonder. Soms haperde Het Motorisch Wonder. Dan pakte mijn vader uit het grijze rubberen kokertje achter het zadel de bougiesleutel, schroefde de bougie los, krabde die met een staalborstel schoon, blies er twee keer doorheen met de ongelofelijke kracht waarmee hij ook tussen zijn vingers kon fluiten, en daar bromden we weer verder. Langs Koog aan de Zaan, door Alkmaar, langs het Noordhollandsch Kanaal, Burgervlotbrug, Sint Maartensvlotbrug, op naar het jaarlijkse Groote Keeten.

Voor mij begon de vakantie eigenlijk als we ergens ter hoogte van Uitgeest begonnen te zingen. De lucht was vervuld met de geur van de weilanden, je zag koeien en je zag boeren, de stad was zo ver achter ons dat we hem vergaten - en nu werd de vakantiestemming vaardig over ons en zongen we: 'Wat rookt de boer in z'n piep? Hooi! Hooi! Hooi!'. Dit lied van twee regels, die je eindeloos kon herhalen, markeerde het begin van de zomer.

Wat het woord zomer bij je oproept, is bepaald door je eerste herinneringen aan de zomer, toen het woord nog nieuw voor je was. Wat je nu met het oud geworden woord aanduidt, bestond vroeger helemaal niet.

De geluiden van Groote Keeten: de wind, de zee, het dialect van de mensen die daar woonden. De auto, ver weg nog, van de groenteboer. Een ijzeren schep die over de stenen van de strandweg wordt gesleept. Alarm tijdens het bramenplukken: de koddebeier! De regen en het onweer. Een haan en vijf kippen. Maar vooral: in de bijna onzichtbare verten boven zee het vriendelijke zoemen van een vliegtuigje. En dan plotseling een salvo van kanonschoten. Want dat vliegtuigje trok boven zee een soort ballon voort, waarop vanaf een oefenterrein in de duinen werd geschoten. Het woord zomer roept de weidse rust op waarin al deze geluiden helder tot hun recht kwamen, waarin je zelfs naar het zoemende vliegtuigje en het donderende afweergeschut kon luisteren alsof het muziek was.

Martin Reints

Dit verhaal in z'n hele context valt te vinden op
http://www.vpro.nl/programma/ram/afleveringen/11479385/items/13993826/